Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Zoeken

Ons kantoor

Vinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo Slider

Adresgegevens

Hoofdkantoor Groot Aalst:
Halsesteenweg 42
9402 Meerbeke (Ninove)
Tel: 054/24 75 15
Tel: 053/39 53 13
Fax: 054/24 75 16
Gsm: 0484 18 74 34
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Kantoor Gent (op afspraak):
Brabantdam 150
9000 Gent
0484 18 74 34

Met singles onder één dak: minder kosten, zelfde belastingen minder kosten, zelfde belastingen

 

Vaste kos­ten

Huur

Laten we be­gin­nen met de groot­ste klap­per: voor je woon­kos­ten scheelt het hon­der­den euro’s als je als sin­gle een wo­ning deelt met een of meer an­de­ren. En dat ligt voor­al aan de be­spa­ring op huur.

110 euro Een ap­par­te­ment met twee slaap­ka­mers huren kost ge­mid­deld 110 euro meer dan een­tje met één slaap­ka­mer.

Filip De­wae­le van de ge­lijk­na­mi­ge vast­goed­groep fil­ter­de de huur­prij­zen van meer dan 3.700 ap­par­te­men­ten (geen stu­dio’s) op de pri­va­te markt vol­gens het aan­tal slaap­ka­mers. De huur voor een ap­par­te­ment met één slaap­ka­mer be­droeg in de pe­ri­o­de 2012-2016 ge­mid­deld bijna 540 euro. Voor een ap­par­te­ment met twee slaap­ka­mers was dat ge­mid­deld een 650 euro, en wie meer slaap­ka­mers wil, be­taalt zowat 780 euro.
An­ders ge­zegd: wie al­leen huurt, kijkt tegen 540 euro per maand aan. Wie de huur van een ap­par­te­ment met twee slaap­ka­mers kan delen, komt er met 325 euro per per­soon.
Toe­ge­ge­ven, je moet goede vrien­den zijn en goede af­spra­ken maken om keu­ken, woon­ka­mer en bad­ka­mer te delen, maar fi­nan­ci­eel loont de vriend­schap dus.
Water

Op de nuts­fac­tu­ren zal je geen hon­der­den euro’s per maand be­spa­ren, maar tikt de be­spa­ring in een jaar toch aan.

De wa­ter­f­ac­tuur valt on­gun­sti­ger uit voor een sin­gle: daar­in zit­ten drie be­dra­gen van ‘vaste rech­ten’ per aan­slui­ting, waar­op een kor­ting geldt per ge­do­mi­ci­li­eer­de. Wie met tweeën op het­zelf­de adres ge­do­mi­ci­li­eerd is, met of zon­der amou­reu­ze band, be­taalt maar één keer die vaste rech­ten (samen 100 euro per jaar) én krijgt die kor­tin­gen (19 euro per ge­do­mi­ci­li­eer­de) dus dub­bel.
Of je veel min­der water per per­soon gaat ver­brui­ken, valt te be­twij­fe­len: dub­bel zo­veel dou­che­beur­ten en toi­let­be­zoe­ken, dub­bel zo­veel kle­ding was­sen,...
Elek­tri­ci­teit

En wat met de stroom­fac­tuur? Ook daar valt het daad­wer­ke­lij­ke ver­bruik niet echt lager uit door samen te wonen. Een ge­mid­deld een­per­soons­ge­zin ver­bruikt zowat 1.500 kWh per jaar, weet de net­be­heer­der In­frax, en een ge­mid­deld twee­per­soons­ge­zin 3.000 kWh per jaar.

Tot 2015 zat er een stuk­je ‘gra­tis ver­bruik’ in de stroom­fac­tuur ver­re­kend, en dat werd per ge­do­mi­ci­li­eer­de toe­ge­kend, dus dat ef­fect is in­tus­sen ver­dwe­nen.

103 euroDe Tur­tel­taks be­draagt al­tijd min­stens 103,37 euro, ook al ver­bruikt een al­leen­staan­de veel min­der stroom.

Een klei­ne si­mu­la­tie via de V-test leert dat alle com­po­nen­ten van de stroom­fac­tuur dub­bel zo hoog lig­gen als je 3.000 kWh ver­bruikt, te­gen­over de re­ke­ning voor 1.500 kWh. Be­hal­ve één: de ‘bij­dra­ge ener­gie­fonds’ be­draagt in beide ge­val­len wel­ge­teld 103,37 euro per jaar. Die bij­dra­ge, waar­van de bij­naam Tur­tel­taks u wel­licht meer zegt, be­draagt mi­ni­maal 103,37 euro, ook voor de klein­ste ver­brui­kers. Die hoef je dus niet meer al­le­bei apart te be­ta­len als je be­sluit met een vriend of vrien­din samen te wonen en één elek­tri­ci­teits­aan­slui­ting te delen.
Nog een laat­ste mee­val­ler voor de schoon­maak van de wo­ning: beide huis­ge­no­ten kun­nen elk tot 156 dien­sten­che­ques per jaar kopen met be­las­ting­voor­deel. Die che­ques kos­ten in Vlaan­de­ren 9 euro, maar dank­zij het be­las­ting­voor­deel is de wer­ke­lij­ke kost­prijs maar 6,30 euro.

Je moet goede vrien­den zijn om keu­ken, woon­ka­mer en bad­ka­mer te wil­len delen, maar fi­nan­ci­eel loont de vriend­schap wel.

Uit­ke­rin­gen

Sa­men­wo­nen met twee of meer is door de ge­deel­de kos­ten nor­maal ge­zien goed­ko­per dan al­leen wonen. Voor som­mi­ge uit­ke­rin­gen wordt dat in re­ke­ning ge­no­men, voor an­de­re niet.

Werk­loos­heids­uit­ke­ring

Als een van de al­leen­staan­de vrien­den een werk­loos­heids­uit­ke­ring ont­vangt, kan die lager uit­val­len als zij be­slui­ten samen te gaan wonen. De uit­ke­ring ligt lager voor sa­men­wo­ners dan voor al­leen­staan­den, en om van sa­men­wo­nen te spre­ken hoeft er geen een af­fec­tie­ve band of een kwa­li­fi­ca­tie als ‘part­ner’ te zijn. Voor de werk­loos­heids­re­gle­men­te­ring is ‘sa­men­wo­nen’ onder het­zelf­de dak wonen en ge­meen­schap­pe­lijk de be­lang­rijk­ste aan­ge­le­gen­he­den re­ge­len. Het hoeft niet te gaan om een vol­le­dig ge­meen­schap­pe­lijk huis­hou­den.

Of het dan gaat om sa­men­wo­nen, is een fei­ten­kwes­tie: er wordt voor­al na­ge­gaan of de be­trok­ke­ne(n) door het delen van kos­ten geld be­spa­ren en dus een eco­no­misch voor­deel heb­ben. Of ze bei­den op het adres ge­do­mi­ci­li­eerd zijn, is zelfs niet door­slag­ge­vend.
Een werk­lo­ze die aar­dig wat geld be­spaart door een wo­ning te delen, wordt dus als sa­men­wo­nen­de be­schouwd. Of dat met of zon­der ge­zins­last is, hangt af van de ver­want­schap en van het type en be­drag van het in­ko­men van de an­de­re.
Wie sa­men­woont met een broer of zus die geen be­roeps- of ver­van­gings­in­ko­men heeft, is een sa­men­wo­nen­de mét ge­zins­last (ho­ge­re uit­ke­ring). Heeft broer of zus wel een in­ko­men, dan is de werk­lo­ze sa­men­wo­nend zon­der ge­zins­last (la­ge­re uit­ke­ring).
Is er geen fa­mi­lie­band en geen amou­reu­ze band maar gaat het om lou­ter vrien­den, dan is men al­tijd sa­men­wo­ner zon­der ge­zins­last. Wordt de vriend(in) toch de part­ner en heeft die geen in­ko­men, dan wordt men sa­men­wo­ner mét ge­zins­last.
Tijds­kre­diet

Ook de pre­mie bij tijds­kre­diet kan bij het sa­men­wo­nen wat lager uit­val­len. Bij vol­tijds tijds­kre­diet maakt het niet uit, maar bij half­tijds of 1/5de tijds­kre­diet valt de net­to­pre­mie wat hoger uit voor een al­leen­staan­de. De RVA kijkt de ge­zins­sa­men­stel­ling na in het Rijks­re­gis­ter: wie op het­zelf­de adres samen met een an­de­re per­soon is ge­do­mi­ci­li­eerd, wordt be­schouwd als een sa­men­wo­nen­de werk­ne­mer.

Pen­si­oen

Wat pen­si­oe­nen be­treft, wordt er an­ders ge­oor­deeld: enkel het hu­we­lijk is de re­fe­ren­tie om een pen­si­oen toe te ken­nen of aan te pas­sen bij een ge­wij­zig­de ge­zins­sa­men­stel­ling. Zo be­staat er een ge­zins­pen­si­oen dat een ver­ho­ging van 25 pro­cent in­houdt als de ge­pen­si­o­neer­de sa­men­woont met ie­mand met een zeer laag eigen pen­si­oen. Maar dat geldt enkel voor ge­huw­den. Sa­men­wo­nen of wet­te­lijk sa­men­wo­nen heeft geen in­vloed op het pen­si­oen. En ook niet op een even­tu­eel sup­ple­ment voor een uit de echt ge­schei­den per­soon: daar wij­zigt niets aan wan­neer er ie­mand, zon­der te huwen, onder het­zelf­de dak bij­komt.

Wie een eco­no­misch voor­deel heeft door met ie­mand onder het­zelf­de dak te wonen, wordt voor de werk­loos­heids­uit­ke­ring als sa­men­wo­nen­de be­han­deld.

Be­las­tin­gen

Per­so­nen­be­las­ting

Het is al­ge­meen be­kend: al­leen­staan­de werk­ne­mers zon­der kin­de­ren be­ho­ren tot de zwaarst be­las­te ter we­reld. Vol­gens be­re­ke­nin­gen van de Or­ga­ni­sa­tie voor Eco­no­mi­sche Sa­men­wer­king en Ont­wik­ke­ling (OESO) ziet een sin­gle met een ge­mid­deld in­ko­men 55,3 pro­cent van zijn loon aan be­las­tin­gen op­gaan. Sa­men­wo­nen met een vriend of vrien­din tem­pert die be­las­ting­druk niet. Zelfs niet als die huis­ge­noot wei­nig of geen in­kom­sten heeft. De per­so­nen­be­las­ting wordt apart be­ke­ken. Al­leen voor ge­huw­de en wet­te­lijk sa­men­wo­nen­de part­ners is er het be­las­ting­voor­deel van het zo­ge­naam­de hu­we­lijks­quo­tiënt. Daar­mee kan tot 30 pro­cent van het in­ko­men van de ene part­ner fic­tief wor­den toe­ge­we­zen aan de an­de­re, waar­door een deel van het in­ko­men aan de hoog­ste be­las­ting­ta­rie­ven ont­snapt.

Lo­ka­le be­las­tin­gen

Voor lo­ka­le be­las­tin­gen brengt sa­men­wo­nen geen soe­laas. ‘Beide huis­ge­no­ten zijn in­ge­schre­ven in de­zelf­de ge­meen­te en moe­ten elk de­zelf­de lo­ka­le be­las­tin­gen be­ta­len’, zegt fis­caal ad­vo­caat Thier­ry Lau­wers. ‘Wordt er een pro­vin­cie­be­las­ting ge­he­ven, dan be­taalt elke vriend ook die pro­vin­cie­be­las­ting.’

Er­fe­nis

Kin­der­lo­ze sin­gles wor­den ge­con­fron­teerd met de hoog­ste ta­rie­ven van de erf­be­las­ting. Ze lopen in het Vlaams Ge­west op van 30 tot 65 pro­cent voor er­fe­nis­sen tus­sen broers en zus­sen en van 45 tot 65 pro­cent voor er­fe­nis­sen tus­sen an­de­ren. Dat is fors meer dan wat be­taald wordt op een na­la­ten­schap aan kin­de­ren of een part­ner: 3 tot 27 pro­cent.

Op dat vlak is er een licht­punt­je voor wie zou be­slis­sen iets te wil­len na­la­ten aan zijn huis­ge­noot. De laag­ste ta­rie­ven voor een ver­krij­ging tus­sen part­ners gel­den ook voor per­so­nen die min­stens één jaar on­on­der­bro­ken met de erf­la­ter sa­men­wo­nen en een ge­meen­schap­pe­lij­ke huis­hou­ding voe­ren. Sa­men­wo­nen­de broers en zus­sen of vrien­den kun­nen dus ook de ta­rie­ven ‘in rech­te lijn’ ge­nie­ten. Let wel, sa­men­wo­nen­de vrien­den erven niet au­to­ma­tisch van el­kaar.
Wat is een ‘ge­meen­schap­pe­lij­ke huis­hou­ding’? De in­schrij­ving op het­zelf­de adres le­vert een ver­moe­den, maar dat is weer­leg­baar. Bij be­twis­ting kan de ge­meen­schap­pe­lij­ke huis­hou­ding be­we­zen wor­den, met bij­voor­beeld een ge­za­men­lij­ke be­ta­ling van nuts­voor­zie­nin­gen en an­de­re huis­hou­de­lij­ke kos­ten.